Lees hier informatie over Sushi

Geschiedenis van Sushi

De bakermat van sushi ligt in Zuidoost Azië, waar vis of vlees al in de 16e eeuw samen met rijst in een vat gepekeld werden om het langer houdbaar te maken. Rond 1800 kreeg sushi in Tokio de vorm die nu zo populair is. De Japanners waren degenen die de sushi, toen nog vooral een street food, perfectioneerde en ontwikkelde tot een elegante, complexe keuken. Voordat Japanners beginnen met eten, bewonderen ze het bord altijd eerst even. Alsof het een kunstwerk is.

Sushi eten, hoe doe je dat?

  • Sushi eet je met stokjes, de zogenaamde hashi. Met je handen eten is echter ook toegestaan! (Maar was ze dan wel eerst heel goed).
  • Nadat je een sushi hebt opgepakt, dompel je deze in de sojasaus waardoor eventueel wat wasabi is geroerd. Giet de sojasaus nooit over de sushi.
  • Japanners steken hun sushi altijd in één keer in hun mond.
  • Tussendoor een stukje gember (gari) eten zorgt ervoor dat de smaak in je mond wordt geneutraliseerd. Daardoor kun je elk stukje optimaal proeven.
  • De gerechten hoeven niet in een speciale volgorde gegeten te worden. Koude gerechten, warme hapjes, soep: je kunt ze rustig afwisselen.

 

Sushi-woordenboek:

Kanpai: ‘Proost’ in het Japans, betekent letterlijk: Leeg het glas!

Hashi: de Japanse naam voor de stokjes waarmee je sushi eet

Nori: het dunne velletje zeewier dat om de sushi wordt gewikkeld

Wasabi: een scherpe specerij die bij de sushi wordt geserveerd, samen met sojasaus en gember

Meshi: de kleverige rijst die wordt gebruikt in de sushikeuken

Sashimi: vakkundig gesneden plakjes rauwe vis of vlees

Maki: de bekende rolletjes sushi

Ukimaki: een zogenaamde ‘inside-out’-sushi, waar de rijst zich aan de buitenkant bevindt

Nigiri: sushi van rijstbolletjes met bijvoorbeeld een plakje tonijn of zalm erop